LJG Twente is er ook voor U.

01 december 2022 | 7 Kislev 5783

Derasja voor Sjabbat Jitro

Derasja voor Sjabbat Jitro

Vorige week lazen we de sidra Besjalach, het verhaal van de Uittocht uit Egypte en de tocht door de zee. Farao’s leger werd vernietigd en Am Jisrael kwam veilig aan aan de overkant. Vrijheid! De sidra Jitro van deze week is een heel bijzondere. In deze sidra verzamelt het volk zich uiteindelijk aan de voet van de Sinaï om de Thora te ontvangen. Het hoogtepunt van de reis door de wildernis, het hoogtepunt van de Uittocht en de essentie van ons bestaan als Joods volk; te leven met en naar de wetten van God, die ons hier worden meegedeeld. Het hele boek Beresjiet, Genesis, is de opmaat naar Sjemot, Exodus, om ons te leren waar we vandaan komen; het begin van Sjemot vertelt ons over onze situatie in Egypte en dan over de uittocht, en de lange teksten die volgen op Jitro in Sjemot en Wajikra en Dewariem vertellen ons over de gebeurtenissen tijdens de reis van onze voorouders tot aan de Intocht in Kanaän, onder Jehosjoea. En dan moeten we een samenleving inrichten zoals we dat geleerd hebben bij de Openbaring bij de Sinaï, uit de sidra Jitro, onze sidra van deze week.

De Thora werd aan Am Jisrael gegeven, niet om als exclusief bezit in onze eigen boekenkast te plaatsen, maar om naar te leven en de hele wereld bekend te maken met Gods werken. Waarom begint God Zijn openbaring dan niet met: 'Ik ben de Eeuwige je God, die hemel en aarde geschapen heeft,' als verwijzing naar het eerste hoofdstuk van Beresjiet? De hele mensheid kan dit verhaal lezen, om zich heen kijken en be-amen dat er een wereld bestaat, omgeven door zon, maan en sterren, en ieder kan zien dat het goed is, zeer goed zelfs. En met de verhalen over Adam en Chawa, in Gan Eden, zien we dat de hele mensheid een grote familie is. Mooi toch?

En toch start de Openbaring, met de Eseret haDibrot, de Tien Uitspraken, met: ‘Ik ben de Eeuwige je God, die jullie uit het land van Egypte en uit het slavenbestaan heeft geleid’ (Ex. 20:2). Waarom de openbaring en niet de schepping als start van Gods Geboden?

Afbeeldingsresultaten voor creation 

Bron: www.fineartamerica.com

Om echt overtuigend te zijn, moet ons geloof in God gebaseerd zijn op persoonlijke ervaring. Wie om zich heen kijkt en de hele schepping aanschouwt - al het bovenaardse en ondermaanse dat te vinden is - kan voor de een heel overtuigend Gods Werk zijn; voor de ander is het niets meer dan het tijdloos en eeuwig bestaande Al, dat er altijd al geweest is, tot planeetvorming kwam en daarop uiteindelijk de bodem vormde van het leven dat er ooit vanuit zichzelf is ontstaan. Een leven dat ontstaan is om te bestaan en van verdere doelen en nut ver is gebleven. Het leven is doelloos en wreed, maak er maar het beste van; iets wat de sterkste ongetwijfeld goed zal lukken, ten koste van de zwaksten. Veel Oud-Griekse filosofen dachten zo en het is tegenwoordig ook de meest aangehangen gedachte in het Westen en in de wetenschap.

Maar om echt overtuigend te zijn, moet ons geloof in God gebaseerd zijn op persoonlijke ervaring.  God maakt Zich zodoende bekend en noemt de reden waarom hij de Tien Geboden geeft.

Middeleeuwse commentatoren beschreven dit al. Zowel Abraham Ibn Ezra als Jehoeda Halevi, grote Spaanse Joodse geleerden uit de twaalfde eeuw, vroegen zich af waarom dit begin van de Tien Geboden niet was gegoten in termen van God de schepper van hemel en aarde. En hun antwoorden zijn, dat ze goed door hadden dat het niet over Gods grootsheid als Schepper moet gaan, maar over Gods oplettendheid voor het Joodse volk om ons aan Hem te binden. De overgeleverde ervaring van onze voorouders bij de Sinaï overtreft de theorie (want dat blijft het) over een allesbeheersende en oppermachtige schepper. Niemand die bij de Sinaï stond, en dat waren toch zo’n drie miljoen mensen, was getuige geweest van de geboorte van de kosmos. Oude Griekse filosofen bestreden het idee dat de kosmos een begin had. Maar elke Israëliet had bij de Sinaï het onbetwistbare bewijs ervaren dat God bestond en duidelijk zorgde, als beloofd, voor de nakomelingen van Abraham en Sara, Jitschak en Rivka en Ja’akov, Rachel en Lea. Hij was daar en en had het lijden van ons volk gezien en besloot in te grijpen. Dat hebben we alle generaties door onthouden en doorgegeven ledor vador - van generatie op generatie. Het is om deze reden dat de Tien Geboden starten met het benoemen van Gods rol in de Uittocht in plaats van de Schepping.

Rabbijnse midrasj richtte zich op dezelfde waarheid en vroeg zich vervolgens af waarom de Thorá dan niet begon met de Tien Geboden. Het is niet meer dan normaal om te beginnen met datgene wat je het belangrijkst vindt, in dit geval namelijk die Openbaring. Zoals vaak gebruikelijk reageert de midrasj met een parabel. Stel je een buitenlandse heerser voor die naar de grenzen van een ander land komt en aanbiedt om hun zaken ook maar te gaan regelen. Die inwoners zullen terecht grote vraagtekens plaatsen. "Wat heb je ooit voor ons gedaan dat we ons vertrouwen in U moeten stellen?" zullen ze die koning vragen. De vreemde koning trekt zich dan maar terug en gaat aan de slag om zichzelf te bewijzen. Hij bouwt een aquaduct voor het broodnodige water en verslaat de vijanden van dat land op het slagveld. Dan, en alleen dan, zullen die inwoners misschien klaar zijn om zijn leiderschap te accepteren. Maar misschien nog steeds niet.

Dus: Stel dat God onaangekondigd en onbekend naar Am Jisraël was gekomen en had geëist dat Jisrael een manier van leven zou aannemen vol zelfdiscipline en blinde gehoorzaamheid, zou het daar zeker van hebben afgezien.

Pas na de ervaring van de tien plagen, het splijten van de zee, de vernietiging van het Egyptische leger, het leveren van het hemelse manna als voedsel, en water in de woestijn en van het verslaan van de Amalekieten werd Jisraël voorbereid om Gods leiding te aanvaarden en zich eraan te onderwerpen (Mechilta). Na’assee wenisjma – we zullen doen wat we al weten en we zullen luisteren naar wat we nog gaan leren.

Door de slavernij werd een persoonlijke relatie gesmeed tussen God en Zijn volk, waardoor Israël altijd trouw zou blijven, ondanks de vele momenten van afvalligheid. Zie het Gouden Kalf, zie onze generaties. De centrale plaats van de uittocht in het Joodse gebed weerspiegelt de rol van deze belangrijke ervaring, meer dan de vanzelfsprekende schepping. Het Jodendom, in de geest van de Thora, omarmde de geschiedenis én dus de toekomst, en niet de natuur als de meest levendige uiting van Gods liefde, en onze liturgie houdt de herinnering aan dat eerste goddelijke ingrijpen in het lot van Israël vast. Het verleden is immers een voorbode van dingen die komen gaan.

Sjabbat sjalom

Sjabbat, vrijdagavond 21 januari 2022 / 20 sjewat 5782 

Bert Oude Engberink

Nieuws

Baroech haba - Welkom bij de Liberaal Joodse Gemeente Twe Lees meer >>

december

  • <  
  •   >
z m d w d v z
 
 
 
 
1
 
2
 
3
 
4
 
5
 
6
 
7
 
8
 
9
 
10
 
11
 
12
 
13
 
14
 
15
 
16
 
17
 
18
 
19
 
20
 
21
 
22
 
23
 
24
 
25
 
26
 
27
 
28
 
29
 
30
 
31