LJG Twente is er ook voor U.

07 juli 2020 | 15 Tammuz 5780

derasja voor Sjabbat Teroema

derasja voor Sjabbat Teroema

Waarom verheugen we ons in de maand adar?

In de gemara in Ta’anit staat: Wanneer de maand adar begint, laat men de vreugde toenemen. Wanneer de maand av begint laat men de vreugde afnemen. De misjna leert ons dat de maand av de meest tragische van onze kalender is. Want in av werden beide tempels verwoest op dezelfde datum, naast diverse andere calamiteiten die toen plaatsvonden. De maand adar echter is een maand van voorspoed en vreugde, omdat in deze maand het wonder van Poeriem plaats vond.

Tijdens het bewind van de Perzische koning Achasjveros kwam er een decreet om het Joodse volk – voor het eerst dan zo genoemd – uit te roeien. Op het laatste moment draaide de situatie 180 graden om. In plaats van dat de Joden wErden vermoord door hun vijanden, vermoordden de Joden hun vijanden. De bondgenoten van Haman de Agagiet. Daarom stelt de gemara dat de maand adar de maand van het goede geluk is, van mazal tov,

Waar draait het in de maand av om? Wij laten onze vreugde afnemen door na te denken over de verwoesting van onze beide tempels en over andere rampen die ons Joden gedurende de geschiedenis heeft getroffen. In de maand av denken we na over de zaken die we missen. 

Waar draait het om tijdens de maand adar? Duidelijk dat we met Poeriem vieren dat Esther en Mordechai en Kadosj Baroech Hoe ons hebben gered van vernietiging. De vraag is waarom God zijn volk toen redde? Mordechai, toenmalig leider van het Joodse volk, riep zijn volk op niet deel te nemen aan de grootse feesten van hun koning Achasjveros, die een half jaar feestte en onderwijl liet afkondigen dat het Joodse volk uitgeroeid moest worden. Toch negeerden veel Joden deze oproep en namen deel aan de festiviteiten. Redde God zijn Joodse volk omdat ze Zijn hulp verdienden?

Afbeeldingsresultaat voor purim Uit: www.myjewishlearning.com

Megillat Esther met Hamansoren

De gemara vertelt via een zin uit de megilla: la jehoediem haita ora wesimcha wesasson wikor. De Joden hadden vreugde en blijdschap en dierbare zaken. Een zin die we ook uitspreken bij de ceremonie van havdala. De gemara leert ons dat na de redding uit deze vervolging, het Joodse volk zich weer inspande om met vreugde = sasson, het licht, de ora = Thora, te lernen en wikor = dierbare zaken = besnijdenis en tefillin leggen, dus zichtbaar zijn Joodse bestaan en de gebedstijden, op te pakken.  Duidelijk zaken die gemiddeld genomen voor het wonder van Poeriem uit de praktijk van alledag waren teruggedrongen. enerzijds uit angst; anderzijds uit gemakzucht. En toch vond God het nodig zijn volk te redden? Waarom?

De Maharal, Rabbi Loew van Praag, stelt dat onze geleerden zeggen dat Jom Kipoeriem - Grote Verzoendag -  kan worden uitgelegd als een Jom ke-Poeriem – een dag als Poeriem. In eerste instantie zou je deze twee dagen als elkaars tegenpolen beschouwen. Een dag vol vasten en contemplatie tegenover een dag van feesten en beesten. Maar de Maharal vraagt zich af wat de overeenkomst tussen deze twee dagen is.

Met Jom Kipoer richten we ons op onze spiritualiteit en zijn we volledig bezig met inkeer. Met Jom Kipoer begrijpen we ons verbond met God en zien we Zijn grootheid en onze onbeduidendheid. Door onze speciale band met God zal Hij ons wel vergeven. Met Poeriem staan we niet zo stil bij onze special band met God, met Zijn bescherming en Zijn redding. Hij redde ons niet uit de ondergang wegens onze devotie en vroomheid, maar juist omdat we Zijn kinderen, Zijn volk zijn en we een speciaal verbond met Hem hebben. Net als met Jom Kipoer bezitten we met Poeriem dat niveau van begrip van onze relatie met God; alleen beleven we het anders. We voelen ons geholpen en gered, en met Jom Kipoer moeten we dat afsmeken.  

Met Jom kipoer hield God ons de berg Sinai boven onze hoofden en dwong ons vrijwillig de Thora op ons te nemen. Uit angst zeiden we toen na’asee wenisjma – we zullen doen en we zullen luisteren. Ook in de Megillat Esther lezen we: kiemoe wekibloe – ze vervulden en accepteerden (de Thora, what else.) dus na redding uit ondergang accepteerden we met liefde tot God weer dat we als Joden moesten, konden gaan leven. In de maand adar denken we na over de zaken die we als erfdeel kregen.

Hieruit zien we dat we des te meer kunnen waarderen wat we vieren tijdens de maand adar. Want tijdens deze maand begrepen we hoe veel God ons waardeert ondanks onze tekortkomingen, ondanks de vele valkuilen waar we als mens steeds weer intrappen. Toen en nu. Het seculiere leven is aantrekkelijk, ons eigen gang gaan is verleidelijk. Niet steeds nadenken over hoe het met een ander gaat noch nadenken over onszelf is gemakkelijk. Poeriem leert ons dat we hoe dan ook een speciale band hebben met onze Schepper die ons elke dag weer een moreel kompas schenkt.

Sjabbat sjalom en op naar Poeriem. 

Bert Oude Engberink, Sjabbat 29 februari 2020 / 4 adar 5780

Nieuws

Welkom bij de Liberaal Joodse Gemeente Twente,"Or Cha Lees meer >>
Information in English Lees meer >>
Wie zijn wij - de synagoge van Haaksbergen Lees meer >>

juli

  • <  
  •   >
z m d w d v z
 
 
 
1
 
2
 
3
 
4
 
5
 
6
 
7
 
8
 
9
 
10
 
11
 
12
 
13
 
14
 
15
 
16
 
17
 
18
 
19
 
20
 
21
 
22
 
23
 
24
 
25
 
26
 
27
 
28
 
29
 
30
 
31