LJG Twente is er ook voor U.

01 december 2022 | 7 Kislev 5783

Derasja voor Sjabbat Tetsavee

Derasja voor Sjabbat Tetsavee

Veel van deze sidra handelt over de inrichting van het Misjkan, de ner tamid, het eeuwig licht en het aankleden van de cohen gadol, de hogepriester. De eerste was Aharon, broer van Mosjee en Miriam. Het één wordt nog mooier dan het ander.

Tetsavee beschrijft in detail de bigdei kodesj, de heilige gewaden die de priesters en de hogepriester droegen "voor glorie en pracht" terwijl ze in het Misjkan de Tabernakel dienden. Dit lijkt in tegenspraak te zijn met enkele fundamentele waarden van het Jodendom, omdat het niet hoort te draaien over uiterlijk vertoon en schone schijn .

De priesterlijke kleding was gemaakt om gezien te worden.  Ze waren bedoeld om indruk te maken. Maar het jodendom is  normaal gesproken geen religie van het oog. Eigenlijk is  het een religie van het oor. Het legt de nadruk op horen in plaats van zien. Ons sleutelwoord is Sjema, wat betekent:  horen, luisteren, begrijpen en gehoorzamen. Joodse spiritualiteit gaat  meer over luisteren dan over kijken.  Dat is de reden waarom we onze ogen vaak bedekken als we het Sjema Jisrael zeggen. We sluiten de wereld van het zicht buiten en richten ons op de wereld van het gehoor: van woorden, van communicatie en betekenis.

Dit komt allemaal door de  strijd van de Tora tegen afgoderij. Anderen zagen goden in de zon, de sterren, rivieren, de zee, de regen, de storm, het dierenrijk en de aarde. Ze maakten zichtbare voorwerpen voor deze dingen. Het Jodendom verwerpt deze hele manier van denken en doen. God is niet in de natuur. Hij schiep het en Hij overstijgt het. De natuur is Gods werk, maar is niet God zelf. God is niet te zien. Hij openbaart Zich door middel van woorden en in de natuur ontdekken wij Zijn grootsheid.

Het is duidelijk dat het Misjkan (de Tabernakel) en later de Beit haMikdash (de Tempel) hierop uitzonderingen waren. Hun nadruk lag op het visuele, en een belangrijk voorbeeld is de heilige kleding van de cohaniem, de priesters en van de cohen gadol, de hogepriester, de bigdei kodesj. Waarom? Zodra ze het heiligdom binnengingen verkleedden ze zich in eenvoude witte gewaden.

 

Op blogspot een impressie van de hogepriester in vol ornaat

De aanwijzing waarom de bigdei kodesj zijn gemaakt om zichtbaar mooie kleding te zijn, is in de verklaring dat ze moesten worden gedragen "uit glorie en voor de pracht". Ze creëerden een sfeer van ontzag en eerbied, omdat ze wezen op een schoonheid en grootsheid buiten henzelf, namelijk God, in een tijd dat mensen toch maar heel eenvoudige kleding droegen. Het Hebreeuws voor "kledingstuk", b-g-d,  betekent ook "verraad" of “bedrog”, zoals in de Vidoei die we zeggen op Rosj Hasjana en Jom Kippoer: Asjamnoe, bagadnoe; "We zijn schuldig geweest, we hebben bedrogen." Door het hele boek Beresjiet heen, wanneer een kledingstuk een belangrijk element in het verhaal is, gaat het om een vorm van bedrog of verraad.

Er waren de bedekkingen van vijgenbladeren die Adam en Eva voor zichzelf aaneen regen na het  eten van de verboden vrucht. Jakob droeg Ezau's kleren toen hij zijn zegen door bedrog tegenover zijn vader Jitschak ontving. Tamar droeg een vermomming om haar schoonvader Jehoeda te misleiden. De broers gebruikten Jozefs bebloede mantel om hun vader te laten denken dat hij door een wild dier was gedood. Potifars vrouw gebruikte de mantel die Jozef had achtergelaten als bewijs voor haar valse beschuldiging om hem gevangen te laten zetten. Jozef zelf maakte gebruik van de kleding van zijn onderkoning om zijn identiteit voor zijn broers te verbergen toen ze naar Egypte  kwamen om voedsel te kopen. Het is dus buitengewoon ongebruikelijk dat de Tora zich nu op een positieve manier bezighoudt met kleding, met gewaden.

Kleding heeft te maken met oppervlakte, niet met diepte; met het uiterlijke, niet met het innerlijke; met schijn in plaats van realiteit. Des te vreemder daarom dat zij zo belangrijk in de diensten van de priesters zouden worden, gezien het feit dat "mensen naar de uiterlijke verschijning kijken, maar de Eeuwige kijkt naar het hart" (1 Samuël 16:7), schrijft Rabbi Jonathan Sacks zl.

Met de zonde van het Gouden Kalf lieten we zien behoefte te hebben aan een zichtbare, een mooie god. Een waar je omheen kon dansen en bij in vervoering kon raken. Maar God communiceerde toen alleen in taal via Mosjee, die met de Thora de berg afkwam. De Tora werd gegeven aan gewone mensen, niet aan engelen en ook niet alleen aan unieke personen zoals Mosjee. Het is moeilijk om te geloven in een God die overal en nergens te vinden is. Het is moeilijk om een relatie met God te onderhouden die alleen zichtbaar is in wonderen en unieke gebeurtenissen, maar niet in het dagelijks leven. Het is moeilijk om met God om te gaan als Hij Zich alleen manifesteert als overweldigende kracht.

Zo werd het Misjkan het zichtbare teken van Gods voortdurende Aanwezigheid, te midden van de mensen. Degenen die daar dienden, deden dat niet vanwege hun persoonlijke grootheid, zoals Mosjé, maar vanwege afkomst en ambt, dat zichtbaar werd door hun kleding. Menselijke spiritualiteit gaat over emoties, niet alleen over intellect; over het hart, niet alleen over het verstand. Vandaar dat die schoonheid zo nodig was en is, om een sfeer van eerbied te creëren, die ze wees op  de schoonheid en de pracht van God Zelf. Het hele doel van het Heiligdom was om mensen de onzichtbare Goddelijke Aanwezigheid in zichtbare verschijnselen te laten voelen. Het grote verschil tussen het oude Israël en het oude Griekenland is dat de Grieken geloofden in de heiligheid van schoonheid, terwijl het Jodendom sprak over haderat kodesj, de schoonheid van heiligheid.

Ik geloof dat schoonheid kracht heeft, en in het Jodendom heeft het altijd een spiritueel doel gehad: ons bewust te maken van het universum, van de hele schepping, als een kunstwerk, dat getuigt  van  de allerhoogste Kunstenaar, en dat is God Zelf.

Sjabbat sjalom

Bert Oude Engberink, 11 februari 2022 / 11 adar-1 5782

Nieuws

Baroech haba - Welkom bij de Liberaal Joodse Gemeente Twe Lees meer >>

december

  • <  
  •   >
z m d w d v z
 
 
 
 
1
 
2
 
3
 
4
 
5
 
6
 
7
 
8
 
9
 
10
 
11
 
12
 
13
 
14
 
15
 
16
 
17
 
18
 
19
 
20
 
21
 
22
 
23
 
24
 
25
 
26
 
27
 
28
 
29
 
30
 
31